Afspraken ADHD zorg - regio Meierij

 
Om de ADHD zorg in de Meierij zo goed mogelijk te stroomlijnen is er de afgelopen maanden intensief overleg geweest met de Centrumgemeente ‘s-Hertogenbosch. Graag informeren we u over de uitkomst. We adviseren u om de aanbevolen route zoals hieronder beschreven te volgen in het overgangsjaar 2016.

De stand van zaken 

Eind 2015 heeft de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch besloten de zorg voor kinderen met niet-complexe ADHD niet bij de huisarts in te kopen. Dit besluit was in belangrijke mate gebaseerd op het advies van zorgverzekeraars VGZ en CZ die beiden op het standpunt staan dat deze zorg tot de basiszorg van de huisarts behoort en dus geen aparte financiering behoeft.
Inmiddels is er meer duidelijkheid over de LHV-toekomstvisie met een onderverdeling in basis-, aanvullend- en bijzonder aanbod; de ADHD-zorg wordt in deze toekomstvisie gekenmerkt als bijzonder aanbod.
Omdat wij geloof blijven houden in de filosofie achter de voorgestelde ADHD-aanpak (zorg dicht bij huis, primaat bij de huisartsen, zo min mogelijk etiketteren en medicaliseren) en de efficiëntie en patiënt-vriendelijkheid van de zorgketen zoals wij die hebben ontwikkeld, heeft de centrumgemeente ’s-Hertogenbosch in overleg met de huisartsen ervoor gekozen om de mogelijkheden voor financiering van de huisartszorg voor ADHD in 2016 verder te verkennen.

Dit betekent dat in het overgangsjaar 2016 de door ons aanbevolen aanpak/route voor kinderen met niet-complexe ADHD in de regio de Meierij er bij voorkeur als volgt uit ziet:

1. Brede anamnese:

Als de huisarts dit niet zelf kan doen verwijst hij/zij daarvoor door naar een instelling voor Generalistische Basis-GGZ (GB-GGZ). Van de GB-GGZ wordt verwacht dat deze nader onderzoek doet conform de opzet/ onderdelen van de brede anamnese zoals geadviseerd door de werkgroep ADHD (zie schema in bijlage). Ook de jeugdarts kan voor nader onderzoek een kind/jongere verwijzen naar de GB-GGZ. Met de GB-GGZ wordt afgesproken dat zij niet doorverwijzen naar de specialistische GGZ zonder hierover overleg te hebben gehad met de verwijzer (huisarts of jeugdarts).
NB: met de GGD zal overlegd worden op welke termijn het mogelijk is dat de Jeugdgezondheidszorg (jeugdarts samen met jeugdverpleegkundige) ook de brede anamnese kan doen.

2. Psycho-educatie

Wanneer als resultaat van stap 1 blijkt dat er sprake is van niet-complexe ADHD, dient als interventie altijd psycho-educatie ingezet te worden. Hiervoor kunnen huisartsen en jeugdartsen de ouders verwijzen naar het Trainingscentrum Jeugd en Gezin de Meierij. Ook kan de GB-GGZ de ouders rechtstreeks hiernaar verwijzen met berichtgeving hiervan aan de verwijzer.
De psycho-educatie richt zich op ouders en (indien nodig) kind/jongere. Zie bijgevoegde folder voor de ouders waarin ook staat wat de rol van de verwijzer is en hoe de aanmelding (door de ouders zelf) geschiedt.

 3. Medicatiebegeleiding / de “vangnet-medicatiepoli”

Huisartsen die (nog) niet toegerust zijn om  de medicatiebegeleiding op zich te nemen, kunnen hiervoor de ouders/kinderen verwijzen naar de “medicatiepoli” in Uden of ’s-Hertogenbosch: voor contactgegevens zie de bijlage. Dit geldt zowel voor “nieuwe” kinderen als voor kinderen/jongeren die eerder op een andere plek medicatiebegeleiding kregen (bijv. specialistische GGZ of ziekenhuizen in of buiten de regio) en die nu “terugverwezen” worden naar hun huisarts.

 Wij hopen van harte dat wij per 2017 de keten alsnog kunnen invullen op de wijze zoals die ons voor ogen staat.

 Namens gemeente “s-Hertogenbosch en huisartsen verenigd in de werkgroep ADHD.